De valkuil van positiviteit: waarom oplossingsgerichtheid soms in de weg zit
door Jolien Careye · september 6, 2026
Je hebt zo’n vermoeden dat je zowat alle boeken hebt gelezen, podcasts hebt uitgeluisterd en waarschijnlijk al een hele resem aan tips hebt geprobeerd om jezelf weer op de rails te krijgen. Je kent de theorie ondertussen wel: je moet positief denken, focussen op wat wél lukt, niet te lang blijven hangen in de miserie en vooral dankbaar zijn voor wat je hebt.
En toch. Toch blijft datzelfde ambetante gevoel ergens knagen. Dat hardnekkige kringetje waar je maar in blijft ronddraaien.
Meestal is dat dan niet omdat je je best niet doet. Het komt er meestal simpelweg van dat je té hard je best doet om het op te lossen. Je wilt te snel vooruit, je wil de bladzijde omslaan, en daardoor vergeet je eigenlijk stil te staan bij wat er daadwerkelijk aan het wringen is vanbinnen.
De goede bedoelingen van positiviteit (en de keerzijde)
Toch even duidelijk zijn: er is niks mis met oplossingsgericht werken. Integendeel, het helpt je om uit die slachtofferrol te kruipen, om de stuurknuppel weer vast te pakken en te kijken waar je wel vat op hebt.
Alleen zit er een schaduwrandje aan dat we veel te vaak doodzwijgen. Als je reflex altijd is om naar een oplossing te springen, dan loop je het risico dat je rond de echte kern van het probleem blijft cirkelen. Je ziet wel dat het ergens wringt, maar je durft het niet aan te raken. Je benoemt het patroon wel met je verstand, maar je voelt het niet in je lijf. En laat dat nu net de plek zijn waar de verandering moet gebeuren.
Sommige dingen in een mensenleven vragen nu eenmaal niet om snel omgeleid te worden via een planning naar wat wel lukt. Die vragen er gewoon om in alle eerlijkheid gezien te worden. Om gevoeld te worden, ook al is dat ambetant, lastig of ronduit pijnlijk.
Wat Bessel van der Kolk ons leert over doorvoelen
Bessel van der Kolk, een autoriteit op het vlak van trauma en de wisselwerking tussen lichaam en geest, verwoordt het in zijn boek The Body Keeps the Score treffend:
“As long as you keep secrets and suppress information, you are fundamentally at war with yourself.”
— Bessel van der Kolk
Zolang je dingen wegstopt, verzwijgt voor jezelf of minimaliseert, ben je eigenlijk continu in gevecht met je eigen natuur. Dat klinkt misschien wat zwaar, maar als je heelhuids naar je eigen week kijkt, herken je dat vast. Die enorme brok energie die het kost om alle ballen in de lucht te houden, om flink te blijven en om je kwetsbaarheid angstvallig buiten beeld te houden.
Van der Kolk haalt ook een prachtig inzicht aan dat ik in mijn praktijk in Heuvelland veel zie terugkeren:
“He told me that he’d spent his adulthood trying to let go of his past, and he remarked how ironic it was that he had to get closer to it in order to let it go.”
— Bessel van der Kolk
Je kan pas echt iets loslaten als je de moed hebt om er eerst heel dichtbij te komen. Niet door er met een grote boog omheen te lopen, en ook niet door te doen alsof het allemaal wel meevalt, maar door er recht in te gaan staan en te aanvaarden dat het er is.
De moed om toe te laten wat er leeft
Tijdens persoonlijke coaching merk ik vaak dat mensen me heel helder kunnen vertellen wat ze ‘zou moeten’ voelen of vinden. Ze verpakken hun verdriet of hun teleurstelling in mooie, rationele volzinnen. Ze praten het weg met zinnen als “tja, anderen hebben het veel slechter” of “ik mag eigenlijk niet klagen”.
Maar je lichaam laat zich niet zo makkelijk om de tuin leiden. Je schouders kruipen ongemerkt naar je oren, je ademhaling wordt hoog en oppervlakkig, of er ontstaat een drukkend gevoel op je borst zodra we aan dat ene gevoelige onderwerp raken.
Dat is exact wat Van der Kolk bedoelt: je lijf houdt de score bij. Alles wat je inslikt en niet durft te uiten, slaat je systeem ergens op. En vroeg of laat breekt dat eruit. In de vorm van chronische vermoeidheid, onverklaarbare spanning of patronen waarin je telkens opnieuw vastloopt.
Schuld en schaamte zijn geen vijanden
In een wereld waarin we voortpeddelen op een golf van ‘good vibes only’ en optimisme, zijn gevoelens van schuld en schaamte bijna verdacht geworden. We willen er zo snel mogelijk van verlost worden, liefst met een snelle positieve draai eraan.
Nochtans hebben schuld en schaamte wel degelijk een nuttige functie. Ze vertellen je iets fundamenteels over je waarden, over de lat die je voor jezelf legt, en over waar jouw persoonlijke grenzen blijkbaar zijn overschreden.
Het is echt niet de bedoeling dat je in die schuldgevoelens blijft zwemmen tot je kopje-onder gaat. Wel dat je de rust vindt om er even bij stil te staan. Om te erkennen dat iets je diep heeft geraakt, dat je ergens spijt van hebt, of dat je iemand (of jezelf) hebt gekwetst. Zonder dat je het meteen moet gladstrijken of goedpraten.
Soms is de krachtigste stap die je kunt zetten simpelweg durven zeggen: dit doet pijn, en het mag er even zijn.
Het verschil in echte coaching
Er is een groot verschil tussen coaching die zich uitsluitend richt op vooruitkijken en actielijstjes afvinken (graag SMART..), en coaching die je ook durft te begeleiden naar wat er achter je ligt. Niet om te blijven hangen in het verleden, maar om te begrijpen welke onbewuste dynamiek ervoor zorgt dat je telkens in dezelfde valkuil trapt.
Bij lichaamsgerichte coaching beperken we ons niet tot een babbel over wat je denkt. We gaan ook luisteren naar de signalen van je lijf. Waar zit de verkramping precies? Wat gebeurt er als we even stilstaan bij dat ene moment in plaats van eroverheen te walsen? Wat willen die tranen je eigenlijk vertellen?
Bessel van der Kolk verwoordt het treffend:
“The challenge is not so much learning to accept the terrible things that have happened but learning how to gain mastery over one’s internal sensations and emotions.”
— Bessel van der Kolk
Het draait dus niet enkel om ‘het nu een plekje te geven’. Het gaat erover dat je leert omgaan met de innerlijke sensaties en emoties die door je lijf gieren. Dat je grip krijgt op je eigen emotieregulatie en ontdekt dat je emoties geen lastige stoorzenders zijn, maar waardevolle boodschappers.
Niet alles moet meteen opgelost zijn
Misschien is dat wel de meest bevrijdende conclusie: niet alles in je leven hoeft opgelost te worden. Niet elk zwaar gevoel moet nodig omgebogen worden naar iets positiefs. Soms mag verdriet simpelweg verdriet zijn. Soms mag die boosheid of ontgoocheling er even voluit zijn, zonder dat je er meteen een les uit hoeft te halen.
Het getuigt van enorm veel moed om in de spiegel te kijken en te aanvaarden wat daar staat, zonder filter, zonder mooi praatje en zonder de neiging om de boel te verzachten.
En het is precies op die plek — hoe ongemakkelijk en naakt die ook aanvoelt — dat echte, duurzame persoonlijke groei begint. Niet in de kramp van het geforceerde positief denken, maar in de rust van het eerlijk durven kijken.
Herken je dit?
Kom je bij mij terecht omdat je merkt dat je vastzit, omdat je voelt dat er onder de oppervlakte iets zit dat je maar niet te pakken krijgt? Dan zal ik je geen snelle trucs voorschotelen. Ik stel je korte, gerichte vragen. Soms vragen die even spannend zijn. Ik vraag je waar je de spanning precies voelt in je lijf en benoem openhartig wat ik zie gebeuren, zonder oordeel.
Jij blijft de kapitein van je eigen leven. Ik ben degene die de spiegel vasthoudt en blijft doorvragen tot we bij de kern uitkomen. En die rustig blijft zitten als het even stilvalt.
Neem contact op